to defraud
def
ˈdɪf
dif
raud
rɔ:d
rawd
abroadclawedmaraudthawed

Definitie en betekenis van "defraud"in het Engels

to defraud
01

bedriegen, oplichten

to illegally obtain money or property from someone by tricking them 
Transitive: to defraud sb
to defraud definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
defraud
3e persoon enkelvoud
defrauds
onvoltooid deelwoord
defrauding
onvoltooid verleden tijd
defrauded
voltooid deelwoord
defrauded
Voorbeelden
The scammer defrauded unsuspecting individuals by convincing them to invest in a fraudulent scheme. 

De oplichter bedroog nietsvermoedende individuen door hen over te halen te investeren in een frauduleus plan.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store