Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to defraud
01
bedriegen, oplichten
to illegally obtain money or property from someone by tricking them
Transitive: to defraud sb
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
defraud
3e persoon enkelvoud
defrauds
onvoltooid deelwoord
defrauding
onvoltooid verleden tijd
defrauded
voltooid deelwoord
defrauded
Voorbeelden
The company executives were found guilty of defrauding investors by falsifying financial statements.
De leidinggevenden van het bedrijf werden schuldig bevonden aan het bedriegen van investeerders door financiële overzichten te vervalsen.



























