Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to adapt
01
aanpassen, adapteren
to change something in a way that suits a new purpose or situation better
Transitive: to adapt sth
Voorbeelden
To accommodate new technologies, the software developer will adapt the application.
Om nieuwe technologieën te accommoderen, zal de softwareontwikkelaar de applicatie aanpassen.
02
adapteren, bewerken
to change a book or play in a way that can be made into a movie, TV series, etc.
Transitive: to adapt a book or play
Voorbeelden
The producers hired a team of writers to adapt the classic play for a modern audience.
De producenten huurden een team van schrijvers in om het klassieke toneelstuk voor een modern publiek te bewerken.
03
aanpassen, zich aanpassen
to adjust oneself to fit into a new environment or situation
Transitive: to adapt oneself to sth
Intransitive: to adapt to sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
adapt
3e persoon enkelvoud
adapts
onvoltooid deelwoord
adapting
onvoltooid verleden tijd
adapted
voltooid deelwoord
adapted
Voorbeelden
It takes time to adapt to the changes in your daily routine.
Het kost tijd om je aan te passen aan de veranderingen in je dagelijkse routine.
Lexicale Boom
adaptable
adaptation
adaptative
adapt



























