Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to bedevil
01
kwellen, teisteren
to continuously create problems for someone or something
Transitive: to bedevil sb/sth
Voorbeelden
The team was bedeviled by a series of unexpected setbacks.
Het team werd geplaagd door een reeks onverwachte tegenslagen.
02
verwarren, kwellen
to cause great confusion, distress, or trouble
Transitive: to bedevil sb
Voorbeelden
He was bedeviled by his inability to solve the puzzle despite hours of effort.
Hij werd gekweld door zijn onvermogen om de puzzel op te lossen ondanks urenlange inspanning.
03
kwellen, teisteren
to torment or repeatedly trouble someone
Transitive: to bedevil sb
Voorbeelden
The relentless demands from her parents seemed to bedevil her, leaving little time for herself.
De onophoudelijke eisen van haar ouders leken haar te kwellen, waardoor ze weinig tijd voor zichzelf had.
Lexicale Boom
bedevilment
bedevil
devil



























