Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Opponent
01
tegenstander, opponent
someone who plays against another player in a game, contest, etc.
Voorbeelden
The team prepared strategies to counter their strongest opponent.
Het team bereidde strategieën voor om hun sterkste tegenstander te counteren.
02
tegenstander, tegenspeler
someone who disagrees with a system, plan, etc. and intends to put an end to it or change it
Voorbeelden
The politician ’s strongest opponent criticized his policies openly.
De sterkste tegenstander van de politicus bekritiseerde openlijk zijn beleid.
opponent
01
tegenstander, tegenstrever
characterized by active opposition, hostility, or resistance
Voorbeelden
The opponent forces clashed in a battle that lasted for days.
De tegenstander troepen botsten in een veldslag die dagen duurde.



























