Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
astray
grammaticale informatie
Voorbeelden
The hikers wandered astray when they took the wrong trail.
De wandelaars dwaalden af toen ze het verkeerde pad namen.
02
dwalend, afgedwaald
into a state of error, confusion, or morally questionable behavior
Voorbeelden
He was led astray by false promises of wealth.
Hij werd misleid door valse beloften van rijkdom.



























