Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
zu sein
01
gesloten zijn, dicht zijn
Nicht geöffnet sein
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
onregelmatig
scheidbaar
partikel
zu
basiswerkwoord
sein
hulpwerkwoord
sein
1e persoon enkelvoud
bin zu
3e persoon enkelvoud
ist zu
onvoltooid deelwoord
zu seiend
onvoltooid verleden tijd
zu war
voltooid deelwoord
zu gewesen
Voorbeelden
Der Laden ist heute zu.
De winkel is vandaag gesloten.



























