Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
décoller
01
opstijgen, van de grond komen
quitter le sol en parlant d'un aéronef
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
bewegingswerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
décolle
1e persoon meervoud
décollons
1e persoon toekomende tijd
décollerai
onvoltooid deelwoord
décollant
voltooid deelwoord
décollé
1e persoon meervoud imperfectum
décollions
Voorbeelden
L'avion décolle à 14h précises.
Het vliegtuig stijgt op om precies 14:00 uur.



























