croire
croire
kʁwaʁ
krvar
squareLoirebarrephare

Definitie en betekenis van "croire"in het Frans

croire
01

veronderstellen

penser quelque chose comme possible ou vrai sans preuve certaine 
croire definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
crois
1e persoon meervoud
croyons
1e persoon toekomende tijd
croirai
onvoltooid deelwoord
croyant
voltooid deelwoord
cru
1e persoon meervoud imperfectum
croyions
Voorbeelden
Je crois qu'il est parti tôt. 

Ik geloof dat hij vroeg is vertrokken.

02

geloven, denken

penser ou estimer que quelque chose est réel ou exact 
croire definition and meaning
Voorbeelden
Je crois qu'il viendra demain. 

Ik geloof dat hij morgen zal komen.

03

geloven

avoir foi en quelque chose ou quelqu'un 
croire definition and meaning
Voorbeelden
Elle croit en la bonté des gens. 

Ze gelooft in de goedheid van mensen.

04

zichzelf beschouwen als

penser de soi-même d'une certaine manière, souvent sans raison vraie 
Voorbeelden
Il se croit très intelligent. 

Hij vindt zichzelf erg intelligent.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store