Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
L'alibi
01
excuus, verontschuldiging
excuse pour justifier une absence
Voorbeelden
Il invente toujours des alibis pour ses retards.
Hij verzint altijd alibi's voor zijn vertragingen.
02
alibi, bewijs van afwezigheid
preuve qu'une personne était ailleurs au moment d'un crime
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
alibis
Voorbeelden
Il a fourni un alibi solide pour la nuit du crime.
Hij leverde een solide alibi voor de nacht van de misdaad.



























