fafax
van 5
fafax
fa[n]

f,toon f

fable[n]

fabel,moralistisch verhaal

fabriquer[v]

produceren,vervaardigen

façade[n]

gevel,voorzijde

face à[prep]

tegenover

face-à-face[n]

direct debat,persoonlijke confrontatie

facebook[n]

Facebook,Facebook

fâché[adj]

boos,geïrriteerd

facile[adj]

gemakkelijk,eenvoudig

facilement[adv]

gemakkelijk,zonder moeite

faciliter[v]

vergemakkelijken,vereenvoudigen

façonner[v]

vormen, modelleren

facteur[n]

postbode,postbezorger

facture[n]

factuur,rekening

faculté[n]

faculteit,universitaire afdeling

fade[adj]

flauw,smaakloos

faible[adj]

zwak (in)

faiblesse[n]
faillite[n]

faillissement,bankroet

faim[n]

honger,eetlust

fainéant[adj]
faire[v]

maken,creëren

faire beau[phrase]
faire boule de neige[phrase]
faire d'une pierre deux coups[phrase]
faire de la pâtisserie[phrase]
faire de son mieux[phrase]
faire des courses[phrase]
faire des grimaces[phrase]
faire des histoires[phrase]
faire du baby-sitting[v]

oppassen op kinderen,babysitten

faire du jonglage[phrase]
faire du shopping[phrase]
faire froid[phrase]
faire froid dans le dos[phrase]
faire la queue[phrase]
faire la vaisselle[phrase]
faire le jeu[phrase]
faire le tour du monde[phrase]
faire les magasins[phrase]
faire mal[phrase]
faire marche arrière[phrase][v]
faire mouche[phrase]
faire part[phrase]
faire preuve de[phrase]
faire tout un fromage[phrase]
faire un dessin[phrase]
faire un froid de canard[phrase]
faire un signe de la main[phrase]
faire un trou[phrase]
faire-part[n]

aankondigingskaart,bericht

faisan[n]

fazant,fazantenvogel

faisceau[n]

bundel,bos

fait divers[n]

klein nieuwsbericht,gebeurtenisbericht

falaise[n]

klif

falloir[v]

nodig zijn,moeten

falsifier[v]

vervalsen,verdraaien

famélique[adj]
fameux[adj]
familial[adj]

familie-

familiarité[n]
famille[n]

familie,verwanten

fan[n]

fan

faner[v]

drogen,uitdrogen

fantastique[adj][n]

fantastisch,ongelooflijk • fantasie,fantasygenre

fantôme[n]

geest,spook

farce[n]
farcir[v]

vullen,opvullen

fard à paupières[n]

oogschaduw,ooglidschaduw

fardeau[n]
farfelu[adj][n]

bizar,excentriek • onverantwoordelijk persoon,excentriek persoon

farine[n]

meel,poeder van gemalen granen

farine complète[n]

volkorenmeel,volkoren tarwemeel

farine de maïs[n]

maismeel,maïszetmeel

farineux[adj]

meelachtig,meelig

farouchement[adv]
fascinant[adj]

fascinerend,boeiend

fast fashion[n]

fast fashion,snelle mode

fast-food[n]

fastfood,snackbar

fastidieux[adj]
fastueux[adj]
fatalité[n]

noodlot,lot

fatigue[n]

vermoeidheid

fatigué[adj]

moe,uitgeput

fauché[adj]

zonder geld,blut

faucon[n]

valk,dagactieve roofvogel

faune[n]

fauna,dieren van een regio

faussaire[n]
fausse couche[n]

miskraam,zwangerschapsverlies

faute[n]

fout,vergissing

faute de[phrase]
fauteuil[n]

fauteuil,leunstoel

fauteuil inclinable[n]

stoel met verstelbare rugleuning,ligstoel

fauteuil roulant[n]

rolstoel,stoel uitgerust met wielen voor mensen met beperkte mobiliteit

faux[n][adj][adv]

zeis,sikkel • verkeerd,onjuist • onjuist,verkeerd

favorable[adj]

gunstig,voordelig

favori[n]

favoriet,lieveling

favoris[n]

bakkebaarden,zijbakkebaarden

favoriser[v]

bevorderen,ondersteunen

fax[n]

fax,telefax

LanGeek
Download de App