to inflict
Pronunciation
/ˌɪnˈfɫɪkt/

Definitie en betekenis van "inflict"in het Engels

to inflict
01

toebrengen, veroorzaken

to cause or impose something unpleasant, harmful, or unwelcome upon someone or something
Transitive: to inflict something unpleasant on sb
to inflict definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
inflict
3e persoon enkelvoud
inflicts
onvoltooid deelwoord
inflicting
onvoltooid verleden tijd
inflicted
voltooid deelwoord
inflicted
Voorbeelden
The criminal 's goal was to inflict fear on the community through acts of violence.
Het doel van de crimineel was om angst aan te richten in de gemeenschap door daden van geweld.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store