to inflict
inf
ɪnf
inf
lict
ˈlɪkt
likt
inflect

Definitie en betekenis van "inflict"in het Engels

to inflict
01

toebrengen, veroorzaken

to cause or impose something unpleasant, harmful, or unwelcome upon someone or something 
Transitive: to inflict something unpleasant on sb
to inflict definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
inflict
3e persoon enkelvoud
inflicts
onvoltooid deelwoord
inflicting
onvoltooid verleden tijd
inflicted
voltooid deelwoord
inflicted
Voorbeelden
The hurricane inflicted significant damage on the coastal town. 

De orkaan richtte aanzienlijke schade aan in de kuststad.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store