Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to hesitate
01
aarzelen, twijfelen
to pause before saying or doing something because of uncertainty or nervousness
Intransitive
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
hesitate
3e persoon enkelvoud
hesitates
onvoltooid deelwoord
hesitating
onvoltooid verleden tijd
hesitated
voltooid deelwoord
hesitated
Voorbeelden
When asked about the promotion, Sarah hesitated before responding.
Toen ze naar de promotie werd gevraagd, aarzelde Sarah voordat ze antwoordde.
02
aarzelen, stotteren
to stammer or pause during speech, often due to uncertainty, nervousness, or difficulty in finding the right words
Intransitive
Voorbeelden
Nervous about the public speaking engagement, the speaker hesitated through the opening lines of the presentation.
Zenuwachtig over de openbare spreekopdracht, aarzelde de spreker tijdens de openingsregels van de presentatie.
Lexicale Boom
hesitater
hesitating
hesitation
hesitate
hesit



























