to annoy
a
ə
ē
nnoy
ˈnɔɪ
noy
enjoyconoydecoyenvoi

Definitie en betekenis van "annoy"in het Engels

to annoy
01

ergeren, irriteren

to make a person feel a little angry 
Transitive: to annoy sb
to annoy definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
annoy
3e persoon enkelvoud
annoys
onvoltooid deelwoord
annoying
onvoltooid verleden tijd
annoyed
voltooid deelwoord
annoyed
Voorbeelden
The constant tapping of the pen on the desk annoyed her during the meeting. 

Het constante getik van de pen op het bureau ergerde haar tijdens de vergadering.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store