to annoy
Pronunciation
/əˈnɔɪ/

Definitie en betekenis van "annoy"in het Engels

to annoy
01

ergeren, irriteren

to make a person feel a little angry
Transitive: to annoy sb
to annoy definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
annoy
3e persoon enkelvoud
annoys
onvoltooid deelwoord
annoying
onvoltooid verleden tijd
annoyed
voltooid deelwoord
annoyed
Voorbeelden
The ongoing noise is annoying her.
Het aanhoudende geluid ergert haar.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store