Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
flourishing
01
bloeiend, succesvol
thriving or prospering that results in success and positive development
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
onvoltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
most flourishing
vergrotende trap
more flourishing
gradueerbaar
Voorbeelden
The new bakery in town is flourishing, with a constant stream of customers eager to try their delicious pastries.
De nieuwe bakkerij in de stad bloeit, met een constante stroom van klanten die hun heerlijke gebak willen proberen.
02
bloeiend, welvarend
showing strong and healthy growth
Voorbeelden
The flowers in the garden are flourishing with bright colors and strong stems.
De bloemen in de tuin bloeien met felle kleuren en sterke stengels.
Lexicale Boom
flourishing
flourish



























