Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to abet
01
aanzetten, medeplichtig zijn
to assist or encourage someone to do something, particularly in committing a wrongdoing or crime
Transitive: to abet a crime or a criminal
Voorbeelden
The evidence showed that he actively abetted the criminal in carrying out the robbery.
Het bewijs toonde aan dat hij de crimineel actief hielp bij het plegen van de overval.
02
helpen, ondersteunen
to aid or assist someone in an activity
Transitive: to abet sb in an activity
Voorbeelden
The teacher abetted the student in learning the new skill, providing guidance and support that helped them master it.
De leraar hielp de student bij het leren van de nieuwe vaardigheid, door begeleiding en ondersteuning te bieden die hem hielpen deze onder de knie te krijgen.
Lexicale Boom
abetment
abetter
abettor
abet



























