droop
droop
drup
droop
/dɹˈuːp/

Definitie en betekenis van "droop"in het Engels

to droop
01

hangen, doorzakken

to bend downward or sag under the influence of gravity or due to lack of support or tension
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
droop
3e persoon enkelvoud
droops
onvoltooid deelwoord
drooping
onvoltooid verleden tijd
drooped
voltooid deelwoord
drooped
Voorbeelden
The shelf started to droop in the middle under the weight of the books.
De plank begon in het midden door te zakken onder het gewicht van de boeken.
02

hangen, verslappen

become limp
03

hangen, slap hangen

hang loosely or laxly
04

moedeloos worden, neerslachtig zijn

to become low in spirit or feel downhearted
Voorbeelden
The team's energy drooped after losing the match.
De energie van het team zakte in na het verliezen van de wedstrijd.
01

doorzakking, verzakking

a shape that sags
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
droops
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store