Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to count out
01
uitsluiten, buiten beschouwing laten
to deliberately not include someone in a particular activity or event
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
out
basiswerkwoord
count
tegenwoordige tijd
count out
3e persoon enkelvoud
counts out
onvoltooid deelwoord
counting out
onvoltooid verleden tijd
counted out
voltooid deelwoord
counted out
Voorbeelden
If you don't follow the safety rules, we may have to count you out from the field trip.
Als je de veiligheidsregels niet volgt, moeten we je mogelijk uitsluiten van de excursie.
02
buitentellen, als verslagen verklaren
(in sports or games) to declare someone or a team as defeated or unable to continue
Voorbeelden
After a series of defeats, the team was counted out of the championship race.
Na een reeks nederlagen werd het team uitgeteld voor de kampioenschapsrace.
03
opnoemen, een voor een tellen
to systematically list and quantify items when arranging or transferring them from one place to another
Voorbeelden
When moving to a new apartment, it's essential to count out your belongings to make sure nothing is left behind.
Bij het verhuizen naar een nieuw appartement is het essentieel om je bezittingen te tellen om ervoor te zorgen dat er niets achterblijft.



























