commandeer
co
ˌkɑ
kaa
mman
mən
mēn
deer
ˈdɪr
dir
/kɒmɑːndˈi‍ə/

Definitie en betekenis van "commandeer"in het Engels

to commandeer
01

vorderen, confisqueren

to officially take possession or control of something, typically for military or governmental purposes, often without the consent of the owner
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
commandeer
3e persoon enkelvoud
commandeers
onvoltooid deelwoord
commandeering
onvoltooid verleden tijd
commandeered
voltooid deelwoord
commandeered
Voorbeelden
The rebels attempted to commandeer the radio station to broadcast their message to the public.
De rebellen probeerden het radiostation te vorderen om hun boodschap aan het publiek uit te zenden.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store