Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to clamber
01
klimmen, beklimmen
to climb a surface using hands and feet
Intransitive: to clamber somewhere
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
clamber
3e persoon enkelvoud
clambers
onvoltooid deelwoord
clambering
onvoltooid verleden tijd
clambered
voltooid deelwoord
clambered
Voorbeelden
In the dense forest, the hiker had to clamber up a steep slope to continue on the trail.
In het dichte bos moest de wandelaar een steile helling beklimmen om op het pad te blijven.
Clamber
01
moeilijke klim, onhandige beklimming
a rough or awkward climb requiring effort and navigation over obstacles
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
clambers
Voorbeelden
The children 's clamber up the tree left their clothes torn and muddy.
Het klimmen van de kinderen in de boom liet hun kleren gescheurd en modderig achter.



























