Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to bolster
01
versterken, ondersteunen
to enhance the strength or effect of something
Transitive: to bolster strength of something
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
bolster
3e persoon enkelvoud
bolsters
onvoltooid deelwoord
bolstering
onvoltooid verleden tijd
bolstered
voltooid deelwoord
bolstered
Voorbeelden
Exercise and a nutritious diet can bolster your immune system's ability to fight illness.
Beweging en een voedzaam dieet kunnen het vermogen van uw immuunsysteem om ziekte te bestrijden versterken.
02
versterken, opvullen
to provide extra support or padding to a seat for added comfort
Transitive: to bolster a seat
Voorbeelden
He bolstered his office chair with a lumbar cushion for better posture.
Hij versterkte zijn bureaustoel met een lendenkussen voor een betere houding.
03
versterken, ondersteunen
to support or reinforce something using a long, narrow cushion or bolster
Transitive: to bolster sth
Voorbeelden
The mattress was bolstered by placing a bolster under it for better alignment.
De matras werd versterkt door er een bolster onder te plaatsen voor een betere uitlijning.
Bolster
01
lang kussen, nekrol
a long, narrow pillow placed across the head of a bed or beneath regular pillows for support or decoration
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
bolsters
Voorbeelden
He rested his back against the large bolster while reading.
Hij leunde zijn rug tegen het grote kussen tijdens het lezen.



























