blind
blind
blaɪnd
blaind
blondblendbland

Definitie en betekenis van "blind"in het Engels

01

blind

not able to see 
blind definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
blindest
vergrotende trap
blinder
gradueerbaar
Voorbeelden
The blind man navigates the city using a white cane and a guide dog. 

De blinde man navigeert door de stad met een witte stok en een geleidehond.

02

blind, ongevoelig

unable or unwilling to notice, perceive, or understand 
Voorbeelden
He was blind to the warning signs. 

Hij was blind voor de waarschuwingssignalen.

03

blind, onbezonnen

acting without reason, evidence, or judgment 
Voorbeelden
He made a blind decision without checking the facts. 

Hij nam een blinde beslissing zonder de feiten te controleren.

to blind
01

verblinden, iemand blind maken

to make someone unable to see by causing damage to their eyes 
Transitive: to blind sb
to blind definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
blind
3e persoon enkelvoud
blinds
onvoltooid deelwoord
blinding
onvoltooid verleden tijd
blinded
voltooid deelwoord
blinded
Voorbeelden
In ancient times, some cruel punishments included blinding criminals. 

In de oudheid omvatten sommige wrede straffen het blinden van criminelen.

02

verblinden, het zicht belemmeren

to prevent someone from understanding or judging something clearly 
Transitive: to blind sb to sth
Voorbeelden
His anger blinded him to the facts, causing him to make poor decisions. 

Zijn woede verblindde hem voor de feiten, waardoor hij slechte beslissingen nam.

03

verblinden, verblinden

to make someone unable to see temporarily, often by overpowering with brightness or obscuring vision 
Transitive: to blind sb
Voorbeelden
The sudden flash of light nearly blinded him, leaving him momentarily disoriented. 

De plotselinge flits van licht verblindde hem bijna, waardoor hij even gedesoriënteerd was.

01

blind, rolluik

a type of window covering, often made of cloth, that can be rolled up and down 
blind definition and meaning
Voorbeelden
She lowered the blind to block out the bright sunlight. 

Ze liet het rolluik zakken om het felle zonlicht te blokkeren.

02

blinden, visueel gehandicapten

a group of people with severe visual impairments 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
blinds
Voorbeelden
The school provides special programs for the blind. 

De school biedt speciale programma's voor blinden.

03

schuilplaats, jachthut

a shelter or hidden position used by hunters, especially for waterfowl 
Voorbeelden
The duck hunter waited in the blind. 

De eendenjager wachtte in de schuilplaats.

04

dekmantel, scherm

something designed to conceal the true nature or purpose of an activity 
Voorbeelden
The company set up a front as a blind for its operations. 

Het bedrijf heeft een dekmantel als scherm voor zijn operaties opgezet.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store