Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
unpleasantly
grammaticale informatie
Voorbeelden
The room smelled unpleasantly of stale cigarettes.
De kamer rook onaangenaam naar oude sigaretten.
02
onplezierig, op een onvriendelijke manier
in an unkind or socially offensive manner
Voorbeelden
"You again?" he said unpleasantly, barely looking up from his phone.
"Jij weer?" zei hij onplezierig, amper opkijkend van zijn telefoon.
Lexicale Boom
unpleasantly
pleasantly
pleasant
please



























