Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to betoken
01
voorspellen, aankondigen
to serve as a sign or warning that suggests or foretells a future event
Transitive: to betoken sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
betoken
3e persoon enkelvoud
betokens
onvoltooid deelwoord
betokening
onvoltooid verleden tijd
betokened
voltooid deelwoord
betokened
Voorbeelden
A decline in economic indicators may betoken an impending recession.
Een daling van economische indicatoren kan een aanstaande recessie voorspellen.
02
aanduiden, betekenen
to serve as a clear signal, symptom, or indication of something
Transitive: to betoken sth
Voorbeelden
The wilting of plants may betoken a lack of water and the need for immediate attention.
Het verwelken van planten kan duiden op een gebrek aan water en de noodzaak van onmiddellijke aandacht.



























