Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to strengthen
01
versterken, versterken
to make something more powerful
Transitive: to strengthen sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
strengthen
3e persoon enkelvoud
strengthens
onvoltooid deelwoord
strengthening
onvoltooid verleden tijd
strengthened
voltooid deelwoord
strengthened
Voorbeelden
The leader worked to strengthen the team's unity through team-building activities.
De leider werkte aan het versterken van de eenheid van het team door teambuildingactiviteiten.
02
versterken, verstevigen
to become more powerful over time
Intransitive
Voorbeelden
The candidate 's public speaking skills have been strengthening with each debate.
De spreekvaardigheid van de kandidaat versterkt met elk debat.
Lexicale Boom
restrengthen
strengthener
strengthening
strengthen



























