
Zoeken
sloppily
01
slordig, rommelig
in a careless, untidy, or random way
Example
The painter applied the second coat of paint sloppily, leaving streaks and uneven patches.
De schilder bracht de tweede laag verf slordig aan, waardoor er strepen en ongelijkmatige plekken achterbleven.
She dressed sloppily for the casual Friday at work, wearing wrinkled clothes and untied shoes.
Ze kleedde zich slordig voor de casual vrijdag op het werk, met gekreukte kleren en ongebonden schoenen.
word family
slop
Noun
sloppy
Adjective
sloppily
Adverb