shackle
sha
ˈʃæ
shā
ckle
kəl
kēl
spackle

Definitie en betekenis van "shackle"in het Engels

01

boei, ketting

a metal fastening, usually a pair, joined by a chain or hinge, used to fasten a prisoner's wrists or ankles together 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
shackles
Voorbeelden
The guards secured the prisoner's wrists with heavy iron shackles to prevent any attempts at escape. 

De bewakers bevestigden de polsen van de gevangene met zware ijzeren boeien om ontsnappingspogingen te voorkomen.

02

schakel, U-vormige staaf

a U-shaped bar; the open end can be passed through chain links and closed with a bar 
to shackle
01

boeien, ketenen

to tie up or restrain with strong metal bands or chains 
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
shackle
3e persoon enkelvoud
shackles
onvoltooid deelwoord
shackling
onvoltooid verleden tijd
shackled
voltooid deelwoord
shackled
Voorbeelden
The prisoners were shackled and taken to their cells. 

De gevangenen werden geboeid en naar hun cellen gebracht.

02

boeien, ketenen

bind the arms of 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store