Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to await
01
afwachten, wachten op
to wait for something or someone
Transitive: to await an event
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
await
3e persoon enkelvoud
awaits
onvoltooid deelwoord
awaiting
onvoltooid verleden tijd
awaited
voltooid deelwoord
awaited
Voorbeelden
We eagerly await the arrival of the guests for the party.
We kijken reikhalzend uit naar de komst van de gasten voor het feest.



























