Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to outwit
01
te slim af zijn, bedriegen
to defeat or surpass someone in a clever or cunning manner
Transitive: to outwit sb
Voorbeelden
The spy managed to outwit the enemy agents, obtaining valuable information without being detected.
De spion wist de vijandelijke agenten te outwitten en verkreeg waardevolle informatie zonder ontdekt te worden.



























