to offend
off
ˈɒf
of
end
ɛnd
end
expenddefendunsendfriend

Definitie en betekenis van "offend"in het Engels

to offend
01

beledigen, kwetsen

to cause someone to feel disrespected, upset, etc. 
Transitive: to offend sb
to offend definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
offend
3e persoon enkelvoud
offends
onvoltooid deelwoord
offending
onvoltooid verleden tijd
offended
voltooid deelwoord
offended
Voorbeelden
His dismissive remarks about her achievements offended her and sparked resentment. 

Zijn minachtende opmerkingen over haar prestaties beledigden haar en wekten wrok op.

02

beledigen, kwetsen

to feel hurt, insulted, or displeased by someone's words, actions, or behavior 
Intransitive
Voorbeelden
She offends easily, often taking harmless comments as personal attacks. 

Ze voelt zich snel beledigd, en ziet vaak onschuldige opmerkingen als persoonlijke aanvallen.

03

beledigen, storen

to cause difficulty, discomfort, or pain 
Transitive: to offend someone or their senses
Voorbeelden
The strong smell of fish in the market offended her sensitive nose. 

De sterke geur van vis op de markt beledigde haar gevoelige neus.

04

overtreden, schenden

to go against established norms or principles 
Transitive: to offend norms or principles
Voorbeelden
Speeding on the highway offends traffic laws and regulations. 

Overtreden van de snelheidslimiet op de snelweg overtreedt verkeerswetten en -regelgeving.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store