Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to mark down
[phrase form: mark]
01
verlagen, de prijs verlagen van
to lower the price of something, often temporarily
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
down
basiswerkwoord
mark
tegenwoordige tijd
mark down
3e persoon enkelvoud
marks down
onvoltooid deelwoord
marking down
onvoltooid verleden tijd
marked down
voltooid deelwoord
marked down
Voorbeelden
The restaurant is marking their appetizers down during happy hour.
Het restaurant verlaagt de prijzen van zijn voorgerechten tijdens happy hour.
02
noteren, vastleggen
to record or note something for future reference or action
Voorbeelden
I ’ve marked the date of our meeting down in my calendar.
Ik heb de datum van onze vergadering in mijn agenda genoteerd.
03
aftrekken van punten, lagen beoordelen
to lower a score or assessment given to someone in an exam, etc. due to errors or shortcomings
Dialect
British
Voorbeelden
The project was marked down for not meeting the required criteria.
Het project is afgewaardeerd omdat het niet voldeed aan de vereiste criteria.



























