Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to make up
[phrase form: make]
01
verzinnen, fabriceren
to create a false or fictional story or information
Voorbeelden
The politician made up excuses to avoid answering the reporter's questions.
De politicus verzon excuses om te voorkomen dat hij de vragen van de verslaggever moest beantwoorden.
02
maken, samenstellen
to create something by combining together different parts or ingredients
Voorbeelden
The teacher made up the lesson plan from different activities and materials.
De leraar heeft het lesplan samengesteld uit verschillende activiteiten en materialen.
03
voorbereiden, opmaken
to arrange, organize, or prepare a bed or room
Voorbeelden
The housekeeper made up the guest room in preparation for the arrival of the visitors.
De huishoudster maakte de logeerkamer klaar voor de komst van de bezoekers.
04
opmaken, make-up aanbrengen
to apply cosmetics or beauty products to enhance or alter one's appearance
Voorbeelden
The actress made up her face to look like a different person for the role.
De actrice maakte zich op om er als een ander persoon uit te zien voor de rol.
05
verzoenen, de vrede sluiten
to become friends with someone once more after ending a quarrel with them
Voorbeelden
They 're trying to make up with their parents after their fight.
Ze proberen het weer goed te maken met hun ouders na hun ruzie.
06
goedmaken, compenseren
to replace something lost or compensate for something done
Voorbeelden
The child made up for their mischief by helping with chores.
Het kind maakte zijn streken goed door te helpen met klusjes.
07
vormen, uitmaken
to form the whole or a part of something
Voorbeelden
The team is made up of experienced professionals and talented newcomers.
Het team bestaat uit ervaren professionals en getalenteerde nieuwkomers.
08
bereiden, samenstellen
to create a medicinal substance by mixing different ingredients
Voorbeelden
The doctor made up a solution to treat the infection.
De dokter heeft een oplossing bereid om de infectie te behandelen.
09
voltooien, samenstellen
to complete or assemble something by adding the remaining parts or members
Voorbeelden
She helped make up the shortfall in funds for the charity event.
Ze hielp mee om het tekort aan fondsen voor het goede doel evenement aan te vullen.



























