have numberhead for the hills
van 26
have numberhead for the hills
have number[phrase]

iemand doorhebben

have off down pat[phrase]
have on[v]

dragen,aanhebben

have on hands[phrase]

iets op je bord hebben

have on the brain[phrase]

iets niet uit je hoofd krijgen

have one too many[phrase]

te veel op hebben

have oneself[phrase]
have opinion of[phrase]
have over[v]

ontvangen,uitnodigen

have over a barrel[phrase]

iemand klem hebben

have peace[phrase]
have peanut butter stirred[phrase]
have rocks in head[phrase]

zaagsel in zijn hoofd hebben

have round[v]

uitnodigen,ontvangen

have seen better days[phrase]

in slechte staat

have seen it all[phrase]
have sex[phrase]
have something going with[phrase]

iets hebben met iemand

have sticky fingers[phrase]

losse handjes hebben

have taste for[phrase]
have the aces[phrase]

alle troeven in handen hebben

have the cockroach[phrase]
have the edge over[phrase]

een voordeel hebben

have the foggiest idea[phrase]
have the guts[phrase]

er de ballen voor hebben

have the heart[phrase]

het hart ervoor hebben

have the hots for[phrase]

helemaal geil zijn op iemand

have the makings of[phrase]
have the right idea[phrase]
have the right sow by the ear[phrase]
have the run of[phrase]

vrij toegang hebben tot

have the slightest idea[phrase]
have the stomach for[phrase]

er de moed voor hebben

have the time[phrase]
have the time of life[phrase]

de tijd van je leven hebben

have the wind at back[phrase]

de omstandigheden mee hebben

have the world at feet[phrase]

aan de top staan

have the world by the tail[phrase]
have time on hands[phrase]

tijd over hebben

have time to kill[phrase]
have to[v]

moeten,hebben te

have to credit[phrase]
have to do with[phrase]
have to thank for[phrase]

iets aan iemand te danken hebben

have trouble[phrase]
have two left feet[phrase]

twee linkervoeten hebben

have up sleeve[phrase]
have van gogh's ear for[phrase]

een natuurtalent zijn in iets

have way[phrase]

zijn zin krijgen

have way with[phrase]

seksueel misbruik maken van iemand

have what it take[phrase]
have words[v]

woorden hebben met iemand,ruzie hebben met iemand

have work cut out for[phrase]

een zware klus voor de boeg hebben

have written all over it[phrase]

het straalt er vanaf

haveli[n]

een traditioneel herenhuis,een grote woning met ingewikkelde architectonische ontwerpen

haven[n]

toevluchtsoord,heilige plaats

haversack[n]

rugzak,haversak

having said that[phrase]
havoc[n]

verwoesting,chaos

haw[n][v]

het knipvlies van het paard,het derde ooglid van het paard • 'haw' zeggen,'haw' uitspreken

hawaii[n]

Hawaï

hawaiian[n][adj]

Hawaïaans,Hawaiiaanse taal • Hawaiiaans, van Hawaii

hawaiian guitar[n]

Hawaiiaanse gitaar,ukulele

hawfinch[n]

appelvink,dikbekvink

hawk[n][v]

havik,valk • venten,van deur tot deur verkopen

hawk dragonfly[n]

glazenmaker,libel van de familie Aeshnidae

hawker[n]

marskramer,straatverkoper

hawker center[n]
hawkmoth[n]

pijlstaart,nachtvlinder

hawksbill[n]

karetschildpad,zeeschildpad

hawthorn[n]

meidoorn,haagdoorn

hay[n][v]

hooi,gedroogd gras • hooi maken,hooi oogsten

hay fever[n]

hooikoorts,allergische rhinitis

haywire[n][adj]

draad voor het binden van hooibalen,touw voor hooibalen • ongeorganiseerd,chaotisch

hazard[n][v]

gevaar,risico • gissen,wagen

hazard lights[n]

waarschuwingslichten,noodlichten

hazard pay[n]
hazardous[adj]

gevaarlijk,schadelijk

hazardous waste[n]

gevaarlijk afval,giftig afval

hazardously[adv]

gevaarlijk,risicovol

haze[n][v]

nevel,waas • treiteren,kwellen

hazel[adj][n]

hazelnootkleurig,groenachtig bruin • hazelnootbruin,groenachtig bruin

hazel tree[n]

hazelaar,boom van het geslacht Corylus

hazelnut[n]

hazelnoot,hazelaar

hazelnut tree[n]

hazelaar,hazelnootboom

hazmat suit[n]

hazmatpak,beschermend hazmatkledingstuk

hazy[adj]

mistig,wazig

hd[n]

HD,hoge definitie

hdmi[n]

HDMI,High-Definition Multimedia Interface

hdtv[n]

HD-televisie,televisie met hoge definitie

he[pron][n]

hij • de vijfde letter van het Hebreeuwse alfabet,he

he-bitch[n]

de onderdanige,de zwakkeling

head[n][v][adj]

hoofd,kop • zich begeven,gaan • hoofd-,leidend

head and shoulders above[phrase]

met kop en schouders erbovenuit

head coach[n]

hoofdtrainer,hoofdcoach

head cold[n]

verkoudheid,neusverkoudheid

head covering[n]

hoofdbedekking,sluier

head fake[n]

hoofdfake,schijnbeweging met het hoofd

head for[v]

op weg gaan naar,richten op

head for the hills[v]

er vandoor gaan,op de vlucht slaan

LanGeek
Download de App