fit checkflapcake
van 29
fit checkflapcake
fit check[n]

outfitcontrole,stijlevaluatie

fit for a king[phrase]

koninklijk

fit for the gods[phrase]

goddelijk

fit in[v]

erin passen,zich aanpassen

fit into[v]

passen in,ingevoegd worden in

fit like a glove[phrase]

als gegoten zitten

fit like a second skin[phrase]
fit out[v]

uitrusten,inrichten

fit the bill[phrase]
fit to be tied[phrase]

woedend

fit up[v]

uitrusten,voorzien

fitba[n]

voetbal,soccer

fitful[adj]

onregelmatig,onderbroken

fitly[adv]

passend,geschikt

fitness[n]

fitness,lichamelijke conditie

fitness culture[n]

fitnesscultuur,cultuur van lichamelijke gezondheid

fitness trainer[n]

personal trainer,fitness trainer

fits and starts[phrase]

met horten en stoten

fitted[adj]

aansluitend,getailleerd

fitted sheet[n]

hoeslaken,elastisch laken

fitting[adj][n]

passend,geschikt • passing,aanpassing

fitting room[n]

paskamer,kleedkamer

fittingly[adv]

passend,gepast

fittle[n]

eten,voedsel

five[n]

vijf,vijfkaart

five card charlie[n]

vijf kaarten Charlie,Charlie met vijf kaarten

five hundred[adj][n]

vijfhonderd • Vijfhonderd,Het Vijfhonderd-spel

five o'clock shadow[phrase]
five-card draw[n]

vijfkaartspoker,vijfkaartstrekking

five-finger discount[n]

winkeldiefstal

five-pin bowling[n]

vijf-kegelbowling,Canadese bowling

five-spot[n]

vijf stippen,vijf schoppen

fiver[n]

vijf dollarbiljet,een vijfdollarbiljet

fivesome[n]

vijftal,kwintet

fix[v][n]

repareren,herstellen • tijdelijke oplossing,pleister

fix up[v]

regelen,organiseren

fix-it shop[n]

reparatiewerkplaats,reparatiewinkel

fix-up[n]

samengestelde roman,verhalenbundel

fixate[v]

fixeren,de blik concentreren

fixation[n]

fixatie,conservering

fixative[n]

fixeermiddel,fixatief

fixed[adj]

vast,onveranderlijk

fixed penalty[n]

vaste boete,vastgestelde sanctie

fixed window[n]

vast raam,niet-openbaar raam

fixed-line[adj]

vaste lijn,bedraad

fixed-rate[adj]
fixed-term[adj]

voor bepaalde tijd,vastgestelde termijn

fixer[n]

een regelaar,een corrupte tussenpersoon

fixin to[phrase]
fixings[n]

accessoires,garnituren

fixins[n]

bijgerechten,garneringen

fixture[n]

vast toestel,vaste installatie

fizz[n][v]

koolzuurhoudende drank,frisdrank met fruitsmaak • bruisen,schuimen

fizzing[adj]

bruisend,sissend

fizzle[v][n]

mislukken,uitdoven • flop,teleurstelling

fizzle out[v]

uitdoven,mislukken

fizzy[adj]

bruisend,koolzuurhoudend

fjord[n]

fjord,gletsjerbaai

flab[n]

zwabber,spek

flabbergast[v]

verbijsteren,verbluffen

flabbergasted[adj]

verbijsterd,verbluft

flabby[adj]

slap,zacht

flaccid[adj]

slap,zacht

flag[n][v]

vlag,banier • markeren,aanduiden

flag down[v][n]

aanhouden,laten stoppen • vlag gooien,signaleren met vlag

flag football[n]

flag football,vlaggenvoetbal

flag officer[n]

vlaggenofficier,admiraal

flagger[n]

vlaggendrager,verkeersregelaar

flagger ahead sign[n]

flagger vooruit bord,waarschuwingsbord flagger vooruit

flagpole[n]
flagrant[adj]

flagrant,schandalig

flagrantly[adv]

flagrant,schaamteloos

flagship[n]
flair[n]

talent,aanleg

flak[n]

luchtafweergeschut,flak (Fliegerabwehrkanone)

flake[v][n]

in vlokken uiteenvallen,afschilferen • vlok,scherf

flaky[adj]

bladerig,brokkelig

flaky pastry[n]

bladerdeeg,korstdeeg

flambe[v][adj]

flamberen,aansteken • geflambeerd

flamboyance[n]

flamboyance,extravagantie

flamboyant[adj]

flamboyant,opzichtig

flame[n][v][adj]

vlam,vuur • flamen,een beledigend of misbruikend bericht sturen • vlammend,vurig

flame-orange[adj]

vlammend oranje,vuuroranje

flamenco[n]

flamenco,flamencodans

flameout[n]
flamer[n]

troll,provocateur

flaming[adj][n]

vlammend,vurig • verbranding,brand

flamingo[n]

flamingo,roze flamingo

flammable[adj]

ontvlambaar,brandbaar

flan[n]

flan,crème caramel

flange[n]

flens,rand

flank[v][n]

flankeren,aan de zijkant staan • flank,zijde

flanker[n]

flankbewaker,flanksoldaat

flannel[n]

flanel,flanellen stof

flannel cake[n]

pannenkoek,flensje

flannel-cake[n]

pannenkoek,flensje

flannels[n]

broeken van flanel,broeken van gabardine of tweed of wit doek

flap[v][n]

flapperen,wapperen • flap,klep

flap gums[phrase]

nonsens praten

flapcake[n]

pannenkoek,flensje

LanGeek
Download de App