überspringen
überspringen
y:bɐʃpʁɪngən
ybshpringēn
überbringen

Definitie en betekenis van "überspringen"in het Duits

überspringen
01

overspringen, springen

Sich plötzlich von einem Punkt zum anderen bewegen, oft durch Springen 
überspringen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
onregelmatig
onscheidbaar
partikel
über
basiswerkwoord
springen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
überspringe
3e persoon enkelvoud
überspringt
onvoltooid deelwoord
überspringend
onvoltooid verleden tijd
übersprang
voltooid deelwoord
übersprungen
Voorbeelden
Der Frosch kann weit überspringen. 

De kikker kan ver springen.

02

overslaan, overspringen

Etwas auslassen oder bewusst nicht beachten 
Voorbeelden
Er hat beim Lesen einige Seiten übersprungen. 

Hij heeft tijdens het lezen enkele pagina's overgeslagen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store