Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
beeindrucken
01
indruk maken op, imponeren
Bei jemandem einen starken Eindruck hinterlassen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
eindrucken
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beeindrucke
3e persoon enkelvoud
beeindruckt
onvoltooid deelwoord
beeindruckend
onvoltooid verleden tijd
beeindruckte
voltooid deelwoord
beeindruckt
Voorbeelden
Ihre Fachkenntnisse haben den Chef beeindruckt.
Haar gespecialiseerde kennis heeft de baas onder de indruk gebracht.



























