anrechnen
Pronunciation
/ˈanrˌɛçnən/

Definitie en betekenis van "anrechnen"in het Duits

anrechnen
01

erkennen, waarderen

Jemandem eine positive Handlung oder Eigenschaft bewusst anerkennen und wertschätzen
anrechnen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
an
basiswerkwoord
rechnen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
rechne an
3e persoon enkelvoud
rechnet an
onvoltooid deelwoord
anrechnend
onvoltooid verleden tijd
rechnete an
voltooid deelwoord
angerechnet
Voorbeelden
Der Chef rechnete ihm seinen Einsatz an.
De baas erkende zijn inzet.
02

in aanmerking nemen, waarderen

Etwas oder jemanden als wertvoll oder beachtenswert betrachten
anrechnen definition and meaning
Voorbeelden
Wir rechnen ihre Teamfähigkeit als besondere Kompetenz an.
We rekenen haar teamwerkvaardigheden aan als een bijzondere competentie.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store