Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le tas
01
hoop, stapel
amas d'objets ou de matière accumulés
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
tas
Voorbeelden
Il a fait un tas de feuilles mortes dans le jardin.
Hij maakte een hoop droge bladeren in de tuin.
02
hoop, ton
grande quantité (familier)
Voorbeelden
J'ai un tas de choses à te raconter.
Ik heb een hoop dingen te vertellen.
03
schoft, klootzak
personne méprisable (argot péjoratif)
Voorbeelden
Ce type, c'est vraiment un tas !
Deze vent, hij is echt een verachtelijk persoon!



























