prononcer
prononcer
pʁɔnɔ̃se
prawnawse

Definitie en betekenis van "prononcer"in het Frans

prononcer
01

uitspreken, articuleren

dire un mot ou une phrase de manière compréhensible 
prononcer definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
prononce
1e persoon meervoud
prononçons
1e persoon toekomende tijd
prononcerai
onvoltooid deelwoord
prononçant
voltooid deelwoord
prononcé
1e persoon meervoud imperfectum
prononcions
Voorbeelden
Elle prononce bien le mot français. 

Ze spreekt het Franse woord goed uit.

02

uitspreken, zeggen

dire ou formuler une parole, un discours 
prononcer definition and meaning
Voorbeelden
Elle prononce ses idées avec confiance. 

Ze uit haar ideeën met vertrouwen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store