Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
mensuel
01
maandelijks
qui a lieu ou qui revient chaque mois
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
relationeel
niet gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
mensuel
mannelijk meervoud
mensuels
vrouwelijk enkelvoud
mensuelle
vrouwelijk meervoud
mensuelles
Voorbeelden
Nous avons une réunion mensuelle avec toute l' équipe.
We hebben een maandelijkse vergadering met het hele team.
Le mensuel
[gender: masculine]
01
maandblad, maandelijkse publicatie
publication ou magazine qui paraît une fois par mois
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
mensuels
Voorbeelden
Le mensuel sort généralement le premier lundi du mois.
Het maandblad verschijnt meestal op de eerste maandag van de maand.



























