L'entrée
[gender: feminine]
01
voorgerecht, hapje
plat servi avant le plat principal dans un repas
Voorbeelden
Pour mon entrée, je prendrai les escargots.
Voor mijn voorgerecht neem ik de slakken.
02
ingang, toegang
endroit par où on pénètre dans un lieu
Voorbeelden
Les tickets s' achètent à l' entrée du musée.
Kaartjes worden gekocht bij de ingang van het museum.
03
ingang, toegang
action ou droit de pénétrer dans un lieu
Voorbeelden
Ils ont refusé l' entrée au club sans réservation.
Ze weigerden toegang tot de club zonder reservering.
04
toegangsbewijs, entreekaart
billet donnant droit d'accès à un lieu
Voorbeelden
Montrez votre entrée à l' agent de contrôle.
Toon uw toegangsbewijs aan de controleagent.



























