douter
Pronunciation
/dute/

Definitie en betekenis van "douter"in het Frans

douter
01

twijfelen, betwijfelen

ne pas être certain de quelque chose, avoir des incertitudes
douter definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
doute
1e persoon meervoud
doutons
1e persoon toekomende tijd
douterai
onvoltooid deelwoord
doutant
voltooid deelwoord
douté
1e persoon meervoud imperfectum
doutions
Voorbeelden
Nous doutons qu' il vienne à la réunion.
We twijfelen of hij naar de vergadering komt.
02

wantrouwen, twijfelen

manquer de confiance en quelqu'un ou quelque chose
douter definition and meaning
Voorbeelden
Nous doutons de la fiabilité de ce témoignage.
We twijfelen aan de betrouwbaarheid van dit getuigenis.
03

verdenken, aanvoelen

avoir l'intuition ou le pressentiment de quelque chose
douter definition and meaning
Voorbeelden
Tu ne te doutais pas de la vérité ?
Vermoedde je de waarheid niet?
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store