brouter
Pronunciation
/bʁutˈe/

Definitie en betekenis van "brouter"in het Frans

brouter
01

grazen, weiden

manger de l'herbe ou des plantes basses
brouter definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
onscheidbaar
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
broute
1e persoon meervoud
broutons
1e persoon toekomende tijd
brouterai
onvoltooid deelwoord
broutant
voltooid deelwoord
brouté
1e persoon meervoud imperfectum
broutions
Voorbeelden
Les chevaux broutent près de la rivière.
De paarden grazen bij de rivier.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store