attacher
Pronunciation
/ataʃˈe/

Definitie en betekenis van "attacher"in het Frans

attacher
01

vastbinden, bevestigen

fixer ou lier quelque chose avec un lien
attacher definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
attache
1e persoon meervoud
attachons
1e persoon toekomende tijd
attacherai
onvoltooid deelwoord
attachant
voltooid deelwoord
attaché
1e persoon meervoud imperfectum
attachions
Voorbeelden
Nous devons attacher le chargement sur la remorque.
We moeten de lading op de aanhanger vastmaken.
02

bijvoegen, vastmaken

relier ou joindre quelque chose à autre chose
attacher definition and meaning
Voorbeelden
Comment attacher une pièce jointe dans Outlook ?
Bijvoegen van een bijlage in Outlook.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store