iceberginamourable
van 4
iceberginamourable
iceberg[n]

ijsberg,drijvende ijsmassa

ici[adv]

hier,hierheen

idéal[adj][n]

ideaal,perfect

idée[n]

idee,concept

identifier[v]

identificeren,bepalen

idiot[adj]

dom,stom

ignorance[n]

onwetendheid,ignorantie

ignorer[v]
iguane[n]

leguaan,tropische hagedis

il[pron]

hij,hij

il y a[phrase]
île[n]

eiland,eilandje

illégal[adj]

illegaal,onwettig

illogique[adj]

onlogisch,zonder logica

illuminateur[n]

highlighter,verlichter

illumination[n]

verlichting,belichting

illuminer[v]

verlichten,belichten

illusion[n]

illusie,waanbeeld

illusionniste[n]

illusionist,goochelaar

illustrateur[n]

illustrator,tekenaar

illustration[n]

voorbeeld,illustratie

illustrer[v]

illustreren,verduidelijken

ils[pron]

zij

image[n]

afbeelding,foto

imagerie[n]

beelden,visuele weergave

imaginaire[adj][n]

denkbeeldig,onwerkelijk • verbeelding,fantasie

imagination[n]

verbeelding,fantasie

imaginer[v]

zich voorstellen,denken

imbécile[n][adj]

idioot,domkop • dom,stupide

imbibé[adj]
imitateur[adj][n]

nabootsend,kopiërend • imitator,navolger

imiter[v]

imiteren,nabootsen

immangeable[adj]
immatriculation[n]
immédiat[adj]

onmiddellijk,direct

immédiatement[adv]

onmiddellijk,meteen

immense[adj]

enorm,reusachtig

immerger[v]
immérité[adj]
immersion[n]
immeuble[n]

gebouw,pand

immeuble de bureau[n]

kantoorgebouw,administratief gebouw

immeuble de grande hauteur[n]

hoog gebouw,wolkenkrabber

immigration[n]

immigratie,migratie

immigré[n]

immigrant,immigrant

imminent[adj]
immobilier[adj][n]
immortel[adj]
immuable[adj]

onveranderlijk,constant

immunité[n]
immunodépression[n]
impact[n]

impact,invloed

impair[n][adj]

blunder,flater • oneven

impala[n]

impala,impala-antilope

impartial[adj]

onpartijdig,neutraal

impassibilité[n]
impatience[n]

ongeduld,onrust

impatient[adj]

ongeduldig,onrustig

impatienter[v]
impeccable[adj]

onberispelijk,vlekkeloos

impératrice[n]

keizerin,keizerin

imperfection[n]

vlek,onvolmaaktheid

impérial[adj][n]
impérialiste[n][adj]
imperméabiliser[v]
imperméable[n][adj]

regenjas,waterdichte jas • waterdicht,waterbestendig

impétueux[adj]

vurig,hartstochtelijk

impitoyable[adj]

meedogenloos,genadeloos

implant[n]

implantaat,prothese

implantation[n]
implanter[v]

zich vestigen,wortel schieten

impolitesse[n]

onbeleefdheid,grofheid

impopulaire[adj]

onpopulair,niet populair

important[adj]

belangrijk,significant

importation[n]

import,invoer

importer[v]

importeren

importuner[v]

lastigvallen,storen

imposer[v]

opleggen,afdwingen

imposition[n]
impôt[n]

belasting,heffing

impression[n]

indruk,gevoel

impressionner[v]
impressionnisme[n]
impressionniste[n][adj]
imprévu[n]

onverwachte gebeurtenis,verrassing

imprimante[n]

printer,afdrukapparaat

imprimé[adj][n]

bedrukt,gedrukt • bedrukt weefsel,gedrukte stof

imprimer[v]

afdrukken,printen

imprimeur[n]

drukker,zetter

improvisation[n]
improviser[v]

improviseren,iets zonder voorbereiding doen

improviste (à l')[phrase]
imprudemment[adv]
imprudence[n]

onvoorzichtigheid,roekeloosheid

impuissance[n]

onmacht,onmacht

impulsif[adj][n]

impulsief,onbezonnen • impulsief persoon,onbezonnen persoon

impulsivité[n]
inabordable[adj]

ontoegankelijk,onbereikbaar

inaliénable[adj]

onvervreemdbaar,onoverdraagbaar

inamourable[adj]

onbemind,onwaardig om lief te hebben

LanGeek
Download de App