Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
enfurruñar
01
pruilen
ponerse de mal humor, callado y retraído, generalmente por un enfado o descontento
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
enfurruño
3e persoon enkelvoud
enfurruña
onvoltooid deelwoord
enfurruñando
onvoltooid verleden tijd
enfurruñó
voltooid deelwoord
enfurruñado
Voorbeelden
El niño se enfurruñó porque no le compraron el juguete.
Het kind pruilt omdat ze hem het speelgoed niet hebben gekocht.



























