asaltar
a
a
a
sal
sal
sal
tar
ˈtat
tat

Definitie en betekenis van "asaltar"in het Spaans

asaltar
01

overvallen, beroven

atacar a alguien con violencia o armas para robarle
asaltar definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
asalto
3e persoon enkelvoud
asalta
onvoltooid deelwoord
asaltando
onvoltooid verleden tijd
asaltó
voltooid deelwoord
asaltado
Voorbeelden
El ladrón asaltó el camión de transporte de dinero.
De dief overviel het geldtransportvoertuig.
02

overvallen, beroven

obligar a alguien a dar dinero u objetos mediante amenazas o violencia
asaltar definition and meaning
Voorbeelden
Asaltaron a la víctima y le quitaron la cartera.
Overvielen het slachtoffer en namen zijn portemonnee.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store