Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Abridor
01
opener, blikopener
un objeto o herramienta para abrir botellas, latas o frascos
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
abridores
Voorbeelden
Un buen abridor de vinos debe tener un sacacorchos resistente.
Een goede flesopener moet een stevige kurkentrekker hebben.
02
startspeler, basisspeler
el jugador que comienza un partido o evento en la alineación inicial del equipo
Voorbeelden
La jugadora novata sorprendió al convertirse en abridora en su primera temporada.
De rookie-speelster verraste door in haar eerste seizoen basisspeelster te worden.



























