Zoeken
dibujar
[past form: dibujé][present form: dibujo]
01
tekenen
hacer un dibujo usando lápiz, bolígrafo, o pintura
Voorbeelden
Los niños están dibujando en la clase de arte.
De kinderen zijn aan het tekenen in de kunstles.
02
zich aftekenen
aparecer o hacerse visible poco a poco
Voorbeelden
Se dibujaron sombras en la pared cuando encendieron la luz.
Er tekenden zich schaduwen af op de muur toen ze het licht aandeden.



























