Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
sentir
[past form: sentí][present form: siento]
01
voelen
percibir una sensación física
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
toestandswerkwoord
sterk
1e persoon enkelvoud
siento
3e persoon enkelvoud
siente
onvoltooid deelwoord
sintiendo
onvoltooid verleden tijd
sentí
voltooid deelwoord
sentido
Voorbeelden
¿ Sientes la vibración del suelo?
Voel je de trilling van de grond?
02
voelen
experimentar un estado físico o emocional en uno mismo
Voorbeelden
Ella se siente feliz con su nuevo trabajo.
Ze voelt zich gelukkig met haar nieuwe baan.
03
voelen
experimentar una sensación corporal o física
Voorbeelden
Sentí náuseas tras el viaje en coche.
Voelen van misselijkheid na de autorit.
04
berouwen, spijt hebben
experimentar pena o arrepentimiento por algo
Voorbeelden
Ella siente no poder ayudar.
Ze heeft spijt dat ze niet kan helpen.



























